ECLI:NL:CRVB:2012:BW5084
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- R.H.M. Roelofs
- H.D. Stout
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging bijstandsuitkering wegens weigering activeringstraject ondanks arbeidsgeschiktheid
Appellant ontvangt bijstand en werd medisch arbeidsgeschikt bevonden voor lichte werkzaamheden. Het college legde hem een activeringstraject op, waaraan appellant weigerde mee te werken. Dit leidde tot verlaging van zijn bijstandsuitkering met 100% voor juni en juli 2009.
Appellant voerde aan dat zijn gezondheid was verslechterd en dat het college onvoldoende met zijn medische stukken had gedaan. Ook stelde hij dat de hoor- en wederhoorprocedure gebrekkig was en dat hij onvoldoende tijd had om zijn gedrag aan te passen.
De Raad oordeelt dat de eerdere medische beoordelingen van arbeidsgeschiktheid rechtsgeldig zijn en dat appellant geen overtuigend nieuw medisch bewijs heeft geleverd dat deelname aan het activeringstraject onmogelijk maakte. Het college heeft de medische stukken adequaat laten beoordelen door een arts. Verder is vastgesteld dat appellant tijdig en herhaaldelijk is gewezen op de consequenties van weigering en voldoende gelegenheid heeft gehad zijn gedrag aan te passen.
Daarom is het college terecht uitgegaan van maatregelwaardig gedrag van appellant en was de verlaging van de bijstand met 100% per maand per gedraging gerechtvaardigd. De aangevallen uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd en de proceskosten worden niet toegewezen.
Uitkomst: De verlaging van de bijstandsuitkering met 100% wegens weigering van het activeringstraject wordt bevestigd.