ECLI:NL:CRVB:2012:BW5447
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek WUBO-uitkering wegens ontbreken directe betrokkenheid bij oorlogsgeweld
Appellante, geboren in 1938 in Nederlands-Indië, verzocht om een periodieke uitkering op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers (WUBO). Na eerdere afwijzing van haar aanvraag in 2006, diende zij in 2009 een hernieuwd verzoek in. Verweerder handhaafde het besluit tot afwijzing omdat niet was aangetoond dat appellante direct was getroffen door onder de WUBO vallend oorlogsgeweld.
Appellante stelde dat zij betrokken was bij gevechten aan de Pasir Kaliki en dat zij onder bedreigende omstandigheden was gevlucht naar het Julianaziekenhuis, waar beschietingen plaatsvonden. De Raad oordeelde dat deze vlucht op eigen initiatief was en niet vanuit een levensbedreigende situatie, en dat het verblijf in het ziekenhuis niet als directe betrokkenheid bij oorlogsgeweld kon worden aangemerkt.
De Raad voerde een terughoudende toetsing uit en concludeerde dat appellante geen nieuwe feiten of omstandigheden had aangevoerd die aanleiding gaven tot herziening van het eerdere besluit. De verklaringen, waaronder die van haar broer, bevestigden niet de concrete gebeurtenissen zoals door appellante beschreven. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard wegens ontbreken van directe betrokkenheid bij oorlogsgeweld.