ECLI:NL:CRVB:2012:BW5864
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- H. Bolt
- J.J.T. van den Corput
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beëindiging Ziektewetuitkering wegens arbeidsongeschiktheid
Appellant ontving een volledige WAZ-uitkering tot mei 2007 en was daarna een jaar werkzaam als bedrijfsleider zonder ziekteverzuim. Na ziekmelding wegens nekklachten in juni 2009 werd hem ziekengeld toegekend. Het UWV beëindigde dit ziekengeld per 17 juli 2009 omdat appellant niet meer arbeidsongeschikt werd geacht.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen deze beslissing ongegrond, waarbij zij zwaar woog op het onderzoek van de verzekeringsarts en bezwaarverzekeringsarts. Appellant bracht geen medische gegevens aan die het oordeel konden weerleggen.
De Centrale Raad van Beroep onderschrijft dit oordeel en bevestigt dat appellant op de datum van het besluit niet buiten staat was zijn werk te verrichten. Er zijn geen gronden voor proceskostenveroordeling. De aangevallen uitspraak wordt bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellant niet arbeidsongeschikt is en de Ziektewetuitkering terecht is beëindigd.