ECLI:NL:CRVB:2012:BW5883
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging geschiktheid voor eigen werk bij beëindiging Ziektewet-uitkering
Appellante was werkzaam als medewerkster klantenservice glasvezel en meldde zich ziek wegens rug- en beenklachten. Het UWV kende haar een Ziektewet-uitkering toe, maar verklaarde haar op basis van medisch onderzoek per 28 oktober 2009 geschikt voor haar eigen werk, waarna de uitkering werd beëindigd.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond, omdat de medische beoordeling voldoende was onderbouwd en appellante geen objectieve medische gegevens aanleverde die het tegendeel bewezen.
In hoger beroep voerde appellante aan dat haar beperkingen onvoldoende waren meegewogen, met name vanwege rug- en beenklachten die haar belastbaarheid zouden overschrijden. De Centrale Raad van Beroep onderschreef echter het oordeel van de bezwaarverzekeringsarts dat de functie licht van aard is, parttime werd uitgevoerd en voldoende mogelijkheden bood tot houdingwisselingen.
De Raad concludeerde dat geen nieuwe medische gegevens waren aangevoerd die het eerdere oordeel konden wijzigen en bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellante geschikt is voor haar eigen werk en de Ziektewet-uitkering terecht is beëindigd.