ECLI:NL:CRVB:2012:BW5886
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering herziening besluit arbeidsongeschiktheid UWV
Appellante, werkzaam als oproepkracht in de horeca, meldde zich op 2 oktober 2008 ziek wegens rug- en stuitpijnklachten. Het UWV besloot op 5 december 2008 dat zij niet arbeidsongeschikt was en geen recht had op ziekengeld. Een bezwaar tegen dit besluit werd niet ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding.
Appellante verzocht op 14 augustus 2009 het UWV om herziening van het besluit, onderbouwd met nieuwe medische informatie. Het UWV handhaafde het besluit op 30 oktober 2009 en verklaarde het bezwaar tegen dit besluit op 5 januari 2010 ongegrond. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, omdat de nieuwe medische gegevens geen nieuwe feiten of omstandigheden bevatten.
In hoger beroep stelde appellante dat de rechtbank ten onrechte oordeelde dat de medische informatie geen nieuwe beperkingen aantoonde. De Raad overwoog dat het verzoek om terug te komen op het besluit moet worden getoetst aan de vraag of er nieuwe feiten of omstandigheden zijn die herziening rechtvaardigen. De medische rapportages van verzekeringsartsen gaven geen aanleiding het eerdere besluit te wijzigen.
De Raad bevestigt dat het UWV in redelijkheid het besluit kon handhaven en dat de aangevallen uitspraak van de rechtbank terecht is. Er is geen sprake van strijd met wettelijke regels of algemene rechtsbeginselen. De Raad wijst het beroep af en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat het UWV terecht heeft geweigerd terug te komen op het besluit van 5 december 2008.