ECLI:NL:CRVB:2012:BW5992
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens passendheid functie soldering technician
Appellant heeft hoger beroep ingesteld tegen het besluit van het UWV om geen recht op een WIA-uitkering toe te kennen vanaf 15 september 2009. Dit besluit was gebaseerd op verzekeringsgeneeskundige en arbeidskundige rapporten. De rechtbank Middelburg verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat de functie soldering technician passend was, mede omdat er geen medische aanwijzingen waren voor een gebrekkige oog-handcoördinatie.
In hoger beroep betoogde appellant dat het UWV onvoldoende had gemotiveerd dat hij beschikte over de vereiste zeer goede oog-handcoördinatie voor de functie. De Centrale Raad van Beroep stelde vast dat appellant op de belastbaarheidsaspecten ‘Zien’ en ‘Hand- en vingergebruik’ niet beperkt was volgens de Functionele Mogelijkheden Lijst en dat de bezwaararbeidsdeskundige had geconcludeerd dat appellant de functie kon vervullen.
De Raad achtte de toelichting van de bezwaararbeidsdeskundige adequaat en concludeerde dat de functie soldering technician terecht als passend was beschouwd. Aangezien de geschiktheid van de andere functies niet was betwist, was bespreking van de reservefunctie steksteker niet nodig. Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de weigering van de WIA-uitkering bevestigd.