ECLI:NL:CRVB:2012:BW5998
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- W.F. Claessens
- E.C.R. Schut
- Rechtspraak.nl
Beoordeling wijziging arbeidsverplichtingen bij bijstand op basis van medische rapportage
Appellant ontvangt bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) en is sinds 2003 medisch gekeurd. Tot februari 2008 was appellant volledig arbeidsongeschikt, maar een rapportage van Achmea Vitale uit oktober 2009 concludeerde dat appellant met beperkingen tot 30 uur per week belastbaar is. De bedrijfsarts en arbeidsdeskundige adviseerden een re-integratietraject.
Het college wijzigde daarop de arbeidsverplichtingen van appellant, waarbij hij zich moest aanmelden voor 30 uur werk per week, later teruggebracht tot 10 uur per week na bezwaar. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het bezwaar niet-ontvankelijk en het beroep tegen het gewijzigde besluit ongegrond.
Appellant stelde in hoger beroep dat de medische rapportage onvoldoende aandacht gaf aan zijn psychische gesteldheid en dat de discrepantie tussen de adviezen nadelige gevolgen had. Ook betwistte hij het oordeel over proceskosten. De Raad oordeelde dat de medische rapportage zorgvuldig was, dat de psychische aspecten waren meegewogen, en dat de discrepantie geen nadelige gevolgen had omdat de opgelegde arbeidsverplichting lager was dan het advies.
De Raad bevestigde dat het college op de rapportage mocht baseren en dat het hoger beroep ongegrond is. De rechtbank had het college terecht veroordeeld in de kosten van appellant voor het indienen van het beroepschrift tegen het eerste besluit. De uitspraak van de rechtbank wordt bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de wijziging van arbeidsverplichtingen op basis van de medische rapportage wordt bevestigd.