ECLI:NL:CRVB:2012:BW6276
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- H.J. Simon
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek WAZ-uitkering wegens onvoldoende medische grondslag
Appellant verzocht om herziening van zijn WAZ-uitkering naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100%, stellende dat zijn lichamelijke en psychische beperkingen waren toegenomen. Het UWV had dit verzoek afgewezen op basis van medische rapporten waarin geen aanwijzingen voor psychiatrische pathologie werden gevonden en slechts beperkte toename van lichamelijke beperkingen werd vastgesteld.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarbij werd geoordeeld dat de medische beoordeling en de vaststelling van het maatmanloon juist waren. In hoger beroep voerde appellant aan dat onterecht geen psychische beperkingen waren aangenomen en dat de eerste arbeidsongeschiktheidsdag onjuist was vastgesteld.
De Raad concludeerde dat er geen medische gronden waren om de eerdere beoordeling te herzien, dat appellant niet onder psychiatrische behandeling stond en dat zijn eigen opvatting onvoldoende was om het medisch oordeel te betwijfelen. Ook de berekening van het maatmanloon en de eerste arbeidsongeschiktheidsdag werden bevestigd. Het hoger beroep werd afgewezen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de mate van arbeidsongeschiktheid blijft ongewijzigd vastgesteld.