ECLI:NL:CRVB:2012:BW6573
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.W.J. Schoor
- H. Bolt
- J.P.M. Zeijen
- Rechtspraak.nl
Herziening WAO-uitkering en beoordeling geschiktheid functies met verzoek schadevergoeding redelijke termijn
De zaak betreft het hoger beroep van appellante tegen besluiten van het UWV inzake de herziening van haar WAO-uitkering. De Raad verwijst naar een eerdere tussenuitspraak en beoordeelt de nieuwe beslissing op bezwaar van 18 oktober 2011, waarbij de WAO-uitkering werd herzien naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 80 tot 100% met ingang van 12 november 2007, en een eerdere herziening naar 45 tot 55% per 2 augustus 2008 ongewijzigd bleef.
Appellante betwist de vervallen urenbeperking en de medische geschiktheid van de aan het besluit ten grondslag gelegde functies. De Raad oordeelt dat het UWV met uitgebreide rapportages van de bezwaararbeidsdeskundige voldoende en overtuigend heeft gemotiveerd dat de functies passend zijn, en verwerpt het verweer van appellante.
De Raad vernietigt de aangevallen uitspraak voor zover deze de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit van 25 september 2008 in stand laat, verklaart het beroep tegen het besluit van 28 december 2009 gegrond voor wat betreft de ingangsdatum van de herziening naar 80-100% arbeidsongeschiktheid, en verklaart het beroep tegen het besluit van 18 oktober 2011 ongegrond.
Verder wordt vastgesteld dat de redelijke termijn in de bestuurlijke en rechterlijke fase is overschreden, waardoor het onderzoek wordt heropend voor een nadere uitspraak over de gevraagde schadevergoeding. Het UWV wordt veroordeeld in de proceskosten en moet het betaalde griffierecht vergoeden.
Uitkomst: De Raad bevestigt de herziening van de WAO-uitkering en verklaart het beroep tegen het besluit van 28 december 2009 gegrond voor de ingangsdatum, vernietigt delen van eerdere uitspraken, en heropent het onderzoek voor schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn.