ECLI:NL:CRVB:2012:BW7063
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens niet-betaling griffierecht ongegrond verklaard
Appellante had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam, maar dit hoger beroep werd door de Raad niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn was voldaan.
Appellante maakte bezwaar tegen deze niet-ontvankelijkverklaring door verzet aan te tekenen. Zij gaf aan betalingsproblemen te hebben ondervonden door onjuiste bankgegevens en verzocht de Raad om correcte IBAN- en SWIFT/BIC-codes.
De Raad reageerde niet op dit verzoek, maar stelde appellante vervolgens bij aangetekende brief opnieuw in de gelegenheid het griffierecht binnen vier weken te betalen. Ondanks bevestiging van ontvangst en toezegging tot spoedige betaling, heeft appellante het griffierecht niet voldaan.
Daarom verklaarde de Centrale Raad van Beroep het verzet ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door rechter T.G.M. Simons, in aanwezigheid van griffier D.W.M. Kaldenhoven.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wegens niet-betaling van het griffierecht wordt ongegrond verklaard.