ECLI:NL:CRVB:2012:BW7661
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens niet-betaling griffierecht ongegrond verklaard
Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Roermond, maar dit hoger beroep werd niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn was betaald. Appellant deed hiertegen verzet.
De Raad stelde vast dat het griffierecht niet was voldaan en dat appellant zich niet tijdig had gemeld dat hij niet in staat was het griffierecht te betalen. Pas na het verstrijken van de betalingstermijn verzocht appellant om opschorting van de betalingstermijn, waarop de Raad niet heeft gereageerd.
Gezien deze omstandigheden werd het verzet ongegrond verklaard. De Raad wees erop dat appellant zich nu alleen nog schriftelijk tot de Minister kan wenden met een verzoek om terug te komen op de eerdere besluitvorming, waarbij de Minister bevoegd is dit verzoek af te wijzen indien er geen nieuwe feiten of omstandigheden zijn.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het hoger beroep wegens niet-betaling van griffierecht wordt ongegrond verklaard.