ECLI:NL:CRVB:2012:BW7702
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- H.C.P. Venema
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag maatschappelijke opvang wegens onrechtmatig verblijf en beschikbare AWBZ-zorg
Appellant, een Somalische nationaliteit dragende persoon zonder verblijfstitel, verzocht om toelating tot maatschappelijke opvang op grond van de Wmo. Het college wees dit verzoek af omdat appellant geen aanspraak kan maken op maatschappelijke opvang vanwege zijn verblijfsstatus. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit wegens ondeugdelijke motivering, maar liet de rechtsgevolgen in stand, omdat appellant feitelijk zorg met verblijf kan verkrijgen via een AWBZ-geïndiceerde voorziening.
Appellant is geïndiceerd voor zorgzwaartepakket GGZ05C, inclusief verblijf en intensieve begeleiding, aangeboden door zorginstelling Dimence, maar heeft dit aanbod niet geaccepteerd. De Raad oordeelt dat ondanks het ontbreken van een AWBZ-verzekering voor appellant, de beschikbaarheid van deze zorgvoorziening betekent dat er geen noodzaak is voor maatschappelijke opvang via de Wmo.
De Raad bevestigt dat de rechtbank terecht de rechtsgevolgen van het besluit tot weigering van maatschappelijke opvang in stand heeft gelaten, ondanks dat de rechtbank een onjuiste grondslag hanteerde. Tevens wijst de Raad erop dat indien appellant ambulante begeleiding wenst, hij een nieuwe indicatie van het CIZ moet aanvragen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de rechtsgevolgen van het besluit tot weigering maatschappelijke opvang terecht in stand zijn gelaten.