ECLI:NL:CRVB:2012:BW7797
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.P.J. Goorden
- J. Riphagen
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering na hersenletsel en beoordeling geschiktheid eigen arbeid
Appellant liep in 2005 hersenletsel op door een motorongeval en was van augustus 2007 tot juli 2008 werkzaam als medewerker servicedienst. Op 27 maart 2008 meldde hij zich ziek met klachten als hoofdpijn, desoriëntatie en geheugenverlies. Het UWV kende hem een Ziektewetuitkering toe.
In oktober 2009 concludeerde een verzekeringsarts na onderzoek dat appellant geschikt was om zijn laatst verrichte werk te hervatten. Het UWV beëindigde daarop de uitkering per 5 oktober 2009. Appellant maakte bezwaar, maar dit werd ongegrond verklaard op basis van een rapport van de bezwaarverzekeringsarts.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond en oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was en appellant in staat werd geacht zijn eigen arbeid te verrichten. Appellant ging in hoger beroep en voerde aan dat zijn klachten werden onderschat.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat onder 'zijn arbeid' de laatst verrichte functie valt en dat het UWV voldoende inzicht had in de aard en belasting van het werk. De medische onderzoeken waren zorgvuldig en de beoordelingen van de verzekeringsartsen juist. Nadere medische gegevens van appellant gaven geen aanleiding tot een ander oordeel.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees een proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de Ziektewetuitkering omdat appellant geschikt wordt geacht voor zijn laatst verrichte arbeid.