ECLI:NL:CRVB:2012:BW8231
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering wegens geschiktheid voor arbeid als krantenbezorger
Appellant was werkzaam als krantenbezorger en meldde zich ziek wegens rug- en schouderklachten. Het UWV beëindigde zijn Ziektewetuitkering nadat een verzekeringsarts en bezwaarverzekeringsarts concludeerden dat appellant geschikt was voor zijn arbeid. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond.
In hoger beroep stelde appellant dat hij door zijn klachten niet meer in staat was zijn werk te verrichten. De Raad oordeelde dat het UWV een juiste maatstaf hanteerde voor het begrip "zijn arbeid" en dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd. De bezwaarverzekeringsarts had overtuigend toegelicht waarom appellant ondanks zijn klachten geschikt bleef.
Appellant overlegde geen nieuwe medische gegevens die de conclusie van de artsen konden weerleggen. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, waarmee het hoger beroep werd afgewezen.
Uitkomst: De Ziektewetuitkering van appellant is terecht beëindigd omdat hij geschikt is voor zijn arbeid als krantenbezorger.