ECLI:NL:CRVB:2012:BW8922
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging geen recht op ziekengeld wegens geschiktheid voor eigen werk ondanks klachten
Appellant, laatstelijk werkzaam als meewerkend voorman/constructieschilder, meldde zich ziek met rug-, been-, voet- en psychische klachten. Na medisch onderzoek door verzekeringsartsen en aanvullend onderzoek door specialisten concludeerde het UWV dat appellant per 25 januari 2010 geen recht meer had op ziekengeld.
Het bezwaar tegen dit besluit werd ongegrond verklaard. De rechtbank vernietigde het besluit, maar handhaafde de rechtsgevolgen omdat het arbeidsdeskundig onderzoek naar de zwaarte en inhoud van het werk toereikend was en geen aanvullend onderzoek nodig was.
In hoger beroep voerde appellant aan dat hij door medicatie en lichamelijke klachten niet in staat was zijn werkzaamheden uit te voeren, en dat onvoldoende rekening was gehouden met longklachten en psychische problemen. De Raad oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was, de klachten aspecifiek en niet objectief aantoonbaar, en dat de psychische belasting gering was. De arbeidsdeskundige had de zwaarte van het werk voldoende gemotiveerd.
De Raad concludeerde dat appellant geschikt is voor zijn eigen werk en bevestigde de eerdere uitspraak. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat appellant geen recht meer heeft op ziekengeld omdat hij geschikt is voor zijn eigen werk.