ECLI:NL:CRVB:2012:BW8954
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- Rechtspraak.nl
Vaststelling omvang en hoogte persoonsgebonden budget voor hulp bij het huishouden
Appellante ontving huishoudelijke hulp via een persoonsgebonden budget (pgb) op grond van de AWBZ, dat werd voortgezet onder de Wmo. Het college kende haar 6,9 uur hulp per week toe, gebaseerd op medisch advies dat rekening hield met haar allergie en beperkingen. De rechtbank verklaarde het beroep deels gegrond en oordeelde dat het pgb-tarief van 75% van de kosten van hulp in natura onvoldoende was gemotiveerd.
Het college nam een nieuw besluit waarbij het pgb werd vastgesteld op 100% van de kosten, maar zonder voldoende gegevens voor de periode van 9 mei tot 22 november 2012. De Raad bevestigde dat de omvang van de hulp toereikend was, gezien de medische informatie en het ontbreken van contra-expertise. Tevens concludeerde de Raad dat appellante tot 9 mei 2012 met het pgb de benodigde hulp kon inkopen, maar dat het besluit voor de resterende periode onvoldoende gemotiveerd was.
De Raad vernietigde het besluit over het pgb-tarief wegens strijd met artikel 7:12 Awb Pro en droeg het college op het gebrek binnen zes weken te herstellen. De uitspraak werd gedaan door voorzitter Berkel-Kikkert op 20 juni 2012.
Uitkomst: Het besluit over het pgb-tarief wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering voor de periode 9 mei tot 22 november 2012, terwijl de toegekende omvang van 6,9 uur huishoudelijke hulp per week wordt bevestigd.