ECLI:NL:CRVB:2012:BW9164
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- H.C.P. Venema
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag AWBZ-indicatie voor individuele begeleiding naschoolse opvang
Appellant, een minderjarig kind met een oogafwijking en verstandelijke handicap, vroeg bij het CIZ een indicatie aan voor individuele begeleiding tijdens de naschoolse opvang vanwege probleemgedrag in die omgeving. Het CIZ wees de aanvraag af omdat de zorgfunctie voor naschoolse opvang niet onder de AWBZ valt en er geen sprake was van bovengebruikelijke zorg of overbelasting van de ouders.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond omdat appellant thuis geen substantieel meer toezicht of sturing nodig had dan gezonde kinderen van dezelfde leeftijd. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dit oordeel. De Raad stelde vast dat de problematiek zich vooral voordoet in interactie met andere kinderen buiten de thuissituatie en dat thuis nauwelijks sprake is van bijzonder probleemgedrag.
De Raad oordeelde dat bovengebruikelijke zorg alleen kan worden vastgesteld op basis van de thuissituatie. Omdat appellant daar geen bovengebruikelijke zorg nodig had, was de afwijzing van de aanvraag terecht. Het hoger beroep werd afgewezen en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De aanvraag voor een AWBZ-indicatie voor individuele begeleiding tijdens de naschoolse opvang is terecht afgewezen wegens ontbreken van bovengebruikelijke zorg in de thuissituatie.