ECLI:NL:CRVB:2012:BX0256
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.G. Rottier
- M. Greebe
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Ziektewetuitkering wegens benadelingshandeling en geschiktheid tot werk
Appellant, werkzaam als timmerman, werd op staande voet ontslagen na weigering het werk te hervatten na arbeidsongeschiktheid wegens psychische klachten. Na een vaststellingsovereenkomst waarbij hij afstand deed van loon over een periode, vroeg appellant een Ziektewetuitkering aan die door het Uwv werd geweigerd wegens benadelingshandeling.
De rechtbank oordeelde dat appellant verwijtbaar handelde door afstand te doen van loon en dat hij medisch gezien geschikt was om als timmerman te werken. Appellant voerde in hoger beroep aan dat zijn psychische klachten ernstig waren en dat hij ongeschikt was voor werk, maar kon dit niet met medische gegevens onderbouwen.
De Raad volgde de rechtbank en concludeerde dat appellant verwijtbaar handelde en dat het Uwv terecht de Ziektewetuitkering weigerde. Het verzekeringsgeneeskundig onderzoek van het Uwv was zorgvuldig en voldoende onderbouwd. Het verzoek tot schadevergoeding werd niet behandeld omdat de situatie zich niet voordeed. De aangevallen uitspraken werden bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de Ziektewetuitkering wegens benadelingshandeling en geschiktheid tot werk.