ECLI:NL:CRVB:2012:BX2522
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Wajong-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid
Appellante, geboren in 1990, vroeg een Wajong-uitkering aan op grond van de oude regeling. Het UWV weigerde deze omdat zij op haar 18e niet voor ten minste 25% arbeidsongeschikt werd geacht. De beperkingen door epilepsie en psychische klachten werden erkend, maar volgens het UWV was zij geschikt voor functies waarmee een inkomen verdiend kon worden zonder sprake van arbeidsongeschiktheid.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, stellende dat de medische rapportages zorgvuldig en volledig waren en de functies medisch geschikt waren. Appellante voerde in hoger beroep aan dat haar epilepsie door het werken met beeldschermen verergerde en dat haar psychische klachten samenwerking in groepen bemoeilijkten.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het bezwaar niet slaagde, dat het UWV voldoende rekening had gehouden met de medische beperkingen en dat de functies passend waren. Er was geen reden om de eerdere uitspraak te vernietigen. De Raad bevestigde het besluit tot weigering van de Wajong-uitkering.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de Wajong-uitkering wegens onvoldoende arbeidsongeschiktheid.