ECLI:NL:CRVB:2012:BX3321
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging toekenning bijzondere bijstand deels als lening volgens WWB-beleid
Appellant, die sinds oktober 2007 bijstand ontvangt, vroeg bijzondere bijstand aan voor woninginrichting. Het college kende dit toe voor een bedrag van € 2.400,61, waarvan € 1.908,-- als lening en € 492,61 om niet. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. Appellant stelde in hoger beroep dat het grootste deel van de kosten niet voor duurzame gebruiksgoederen was en dat het onrechtvaardig was om hem een lening op te leggen vanwege zijn situatie na de pardonregeling.
De Raad oordeelde dat de kosten als noodzakelijke bijzondere omstandigheden gelden, maar dat het college bevoegd is bijzondere bijstand deels als lening toe te kennen volgens het geldende beleid. Appellant maakte niet aannemelijk dat het grootste deel van de kosten niet voor duurzame goederen was en erkende een volledige inboedel te hebben aangeschaft. Ook vormden zijn persoonlijke omstandigheden geen bijzondere omstandigheden die een afwijking van het beleid rechtvaardigen.
Daarom werd het hoger beroep afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Het college heeft gehandeld binnen zijn beleidsruimte en de toekenning van bijzondere bijstand deels als lening is rechtmatig.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de toekenning van bijzondere bijstand deels als lening wordt bevestigd.