ECLI:NL:CRVB:2012:BX4023
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag aanvullende bijstand wegens niet verstrekken inlichtingen
Appellante diende op 20 oktober 2009 een aanvraag in voor aanvullende bijstand op grond van de WWB. Zij had eerder bijstand ontvangen en was tevens een krediet van € 30.000 aangegaan voor de aankoop of bouw van onroerend goed in Kaapverdië. Tijdens een intakegesprek met de Kredietbank Rotterdam ontstonden twijfels over het bezit van de grond en woning in Kaapverdië, mede doordat appellante tegenstrijdige verklaringen gaf en geen bewijsstukken kon overleggen.
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam wees de aanvraag af op 16 december 2009 omdat appellante niet voldeed aan haar verplichting tot het verstrekken van inlichtingen, waardoor het recht op bijstand niet kon worden vastgesteld. Tevens werden eerder verstrekte voorschotten teruggevorderd. De rechtbank Rotterdam verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond en oordeelde dat appellante onvoldoende gegevens had verstrekt om haar bijstandbehoevendheid aannemelijk te maken.
In hoger beroep voerde appellante aan dat zij alles had gedaan om de gevraagde gegevens te verkrijgen, maar dat dit niet mogelijk was vanwege omstandigheden in Kaapverdië. De Raad oordeelde dat appellante tekort was geschoten in haar inlichtingenverplichting en dat het college terecht het recht op bijstand niet kon vaststellen. De enkele handgeschreven brieven aan instanties in Kaapverdië overtuigden niet. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De aanvraag om aanvullende bijstand is terecht afgewezen vanwege het niet verstrekken van noodzakelijke inlichtingen.