ECLI:NL:CRVB:2012:BX4031
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- W.H. Bel
- A.M. Overbeeke
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging bijstandsuitkering wegens niet verschijnen op werkstage
Appellante ontving bijstand en was verplicht deel te nemen aan arbeidsinschakelingsvoorzieningen volgens de Wet werk en bijstand (WWB). Zij werd aangemeld voor het re-integratieproject Springplank en moest op 30 en 31 maart 2009 verschijnen voor een werkstage, maar zij verscheen niet zonder opgave van reden.
Het college van burgemeester en wethouders van Groningen verlaagde daarop haar bijstandsuitkering met 50% voor de duur van een maand, omdat zij weigerde deel te nemen aan de aangeboden voorziening. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen deze maatregel ongegrond.
Appellante voerde aan dat zij zelf werk wilde zoeken en op 6 mei 2009 een arbeidsovereenkomst tekende, waardoor zij haar verplichtingen niet zou schenden. De Raad oordeelde echter dat het college bevoegd is te bepalen welke re-integratievoorziening passend is en dat het aangeboden traject passend en op maat was.
Verder stelde appellante dat de maatregel over mei 2009 moet vervallen omdat de maatregel over juni 2009 niet werd gehandhaafd. De Raad verwierp dit en bevestigde dat de opgelegde maatregel proportioneel en terecht was gezien de ernst van het verzuim en de omstandigheden.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de verlaging van de bijstandsuitkering bevestigd.
Uitkomst: De verlaging van de bijstandsuitkering met 50% voor een maand wegens het niet verschijnen op de werkstage wordt bevestigd.