ECLI:NL:CRVB:2012:BX4575
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.F. Bandringa
- E.J. Govaers
- H.D. Stout
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging bijstand wegens weigering WSW-traject ondanks gezondheidsklachten
Appellant en zijn echtgenote ontvangen sinds 2003 bijstand. In 2009 werd appellant aangemeld voor een WSW-traject bij Paswerk, maar hij weigerde een contract te tekenen omdat hij zich ziek achtte en niet kon werken. Ondanks gesprekken en waarschuwingen bleef appellant weigeren mee te werken, waarna het college de bijstand verlaagde met 100% voor drie maanden. Na bezwaar werd dit teruggebracht tot 50% voor één maand.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond. Appellant voerde in hoger beroep aan dat een communicatiefout had geleid tot een te hoog contractaanbod en dat hij wel bereid was twintig uur te werken. Tevens stelde hij dat de maatregel hem en zijn gezin onder het bestaansminimum bracht, in strijd met verdragsrechtelijke bepalingen.
De Raad oordeelde dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat zijn intenties duidelijk waren en dat het traject doorgang had kunnen vinden bij medewerking. De verlaging was gerechtvaardigd gezien de ernst en verwijtbaarheid. Het beroep op artikel 8 EVRM Pro en andere verdragsbepalingen faalde omdat de maatregel proportioneel was en geen disproportionele negatieve gevolgen had voor appellant en zijn gezin.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De verlaging van de bijstand met 50% gedurende één maand wordt bevestigd.