ECLI:NL:CRVB:2012:BX4600
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering ZW-uitkering wegens geschiktheid voor eigen werk
Appellant was werkzaam als tuinbouwmedewerker en meldde zich ziek wegens psychische klachten en later liesbreuk. Het UWV verklaarde hem vanaf 11 juli 2011 niet langer recht te hebben op ziekengeld, omdat verzekeringsartsen hem geschikt achtten voor zijn eigen werk.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarbij het onderzoek van de verzekeringsartsen als zorgvuldig werd beoordeeld. Appellant stelde in hoger beroep dat het UWV onzorgvuldig was door geen recente medische informatie op te vragen en dat zijn werkbelasting zwaarder was dan aangenomen.
De Raad oordeelde dat het UWV de juiste maatstaf arbeid hanteerde, dat de bezwaarverzekeringsarts gemotiveerd had gehandeld en dat appellant geen nieuwe medische gegevens had overgelegd die het standpunt van het UWV konden weerleggen.
Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd. Er was geen aanleiding voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de ZW-uitkering bevestigd.