ECLI:NL:CRVB:2012:BX5146
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering van bijstandsuitkering wegens schending inlichtingenplicht en overschrijding vermogensgrens
Appellante ontving sinds 1997 bijstand en werd in 2008 geconfronteerd met een besluit tot intrekking van de bijstand en terugvordering van €42.989,12 wegens het niet melden van een geldbedrag van €20.000 en de aankoop van een Mercedes, die als vermogen werden aangemerkt. Het college verklaarde ook bezwaar tegen de ingangsdatum van de bijstand niet-ontvankelijk.
De rechtbank verklaarde de beroepen tegen deze besluiten ongegrond. Appellante voerde in hoger beroep aan dat het geldbedrag niet tot haar vermogen behoorde omdat zij het in depot had ontvangen om een auto voor een derde te kopen, en dat zij alsnog recht op bijstand had. De Raad oordeelde dat appellante vrijelijk over het geld en de auto kon beschikken en dat het geldbedrag en de Mercedes terecht als vermogen werden aangemerkt.
De Raad kwalificeerde een brief van het college als een nadere bepaling van het standpunt over de rechtsgevolgen en besloot dat de eerdere besluiten niet gehandhaafd konden blijven. De bijstand werd herzien met een vermindering van €9.790 en een terugvordering van €13.632,61. Ook werd het besluit over de toekenning van bijstand herroepen. Het college werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De bijstand wordt herzien en teruggevorderd wegens schending van de inlichtingenplicht en overschrijding van de vermogensgrens; eerdere besluiten worden vernietigd.