ECLI:NL:CRVB:2012:BX5802
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens niet-betaling griffierecht ongegrond verklaard
Appellant had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam, maar dit hoger beroep werd door de Raad van 16 september 2011 niet-ontvankelijk verklaard omdat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn was betaald.
Appellant stelde in verzet dat hij het griffierecht contant had betaald en stuurde kopieën van een brief en een verzendbewijs mee. De Raad stelde echter vast dat geen van deze stukken was ontvangen en dat in de financiële administratie geen betaling was aangetroffen.
De Raad verzocht appellant om binnen zes weken nadere informatie te verstrekken over de verzending van de brief, maar appellant liet deze termijn voorbijgaan. De Raad concludeerde dat er geen feiten of omstandigheden waren die de eerdere uitspraak onjuist maakten.
Daarom verklaarde de Centrale Raad van Beroep het verzet ongegrond en zag geen aanleiding tot veroordeling in de proceskosten. De uitspraak werd gedaan door T.G.M. Simons in aanwezigheid van griffier D.W.M. Kaldenhoven op 23 augustus 2012.
Uitkomst: Het verzet van appellant tegen de niet-ontvankelijkverklaring van zijn hoger beroep wordt ongegrond verklaard.