ECLI:NL:CRVB:2012:BX5806
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- J. Riphagen
- J.J.T. van den Corput
- Rechtspraak.nl
Centrale Raad van Beroep vernietigt uitspraak rechtbank inzake loonsanctie en onvoldoende re-integratie-inspanningen
De zaak betreft hoger beroepen tegen uitspraken van de rechtbank Haarlem inzake een loonsanctie opgelegd door het UWV wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen door betrokkene, de werkgever van werkneemster. Het UWV had het recht op loon tijdens ziekte met 52 weken verlengd op grond van artikel 25, negende lid, van de Wet WIA. Zowel betrokkene als werkneemster hadden bezwaar gemaakt tegen deze besluiten, waarna de rechtbank de loonsanctie onterecht achtte en de besluiten vernietigde.
In hoger beroep heeft de Centrale Raad van Beroep het standpunt van het UWV gevolgd dat de re-integratie-inspanningen onvoldoende waren. De Raad oordeelde dat de inspanningen ten onrechte alleen gericht waren op hervatting in het eigen, aangepaste werk en dat een klachtcontingente benadering werd gevolgd, terwijl een tijdcontingente aanpak passend was. Uit medische rapportages bleek dat werkneemster in staat was meer dan 15 uur per week passende werkzaamheden te verrichten, en dat er geen medische contra-indicaties waren voor een verdere opbouw van uren onder begeleiding van de bedrijfsarts.
De Raad stelde vast dat de rapportages van de verzekeringsarts en arbeidsdeskundige zorgvuldig waren en dat het UWV overtuigend had gemotiveerd dat de re-integratie-inspanningen onvoldoende waren zonder dat daar een deugdelijke grond voor was. De informatie van Heliomare was adequaat betrokken in de medische beoordeling. De Centrale Raad vernietigde daarom de uitspraken van de rechtbank en verklaarde de beroepen van betrokkene en werkneemster ongegrond.
De procedure kende een zitting op 4 juli 2012, waarbij partijen en hun vertegenwoordigers aanwezig waren. De beslissing werd op 15 augustus 2012 in het openbaar uitgesproken. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt de uitspraken van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen.