ECLI:NL:CRVB:2012:BX6051
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering en heropening onderzoek schadevergoeding redelijke termijn
Appellante verzocht om een WIA-uitkering, maar het UWV stelde dat haar arbeidsongeschiktheid minder dan 35% bedroeg, waardoor geen recht op uitkering ontstond. De rechtbank vernietigde dit besluit wegens een onjuiste arbeidskundige grondslag, maar liet de rechtsgevolgen van het besluit in stand. In hoger beroep voerde appellante aan dat haar lichamelijke beperkingen onvoldoende waren erkend en dat zij een urenbeperking behoorde te krijgen.
De Raad liet een onafhankelijke orthopedisch chirurg een onderzoek instellen, die de functionele mogelijkheden zoals vastgesteld door de bezwaarverzekeringsarts bevestigde, met uitzondering van beperkte kniel- en hurkactiviteiten. Er waren geen medische aanknopingspunten voor een urenbeperking zoals door appellante bepleit. De belasting van de functies die bij de schatting waren betrokken overschreed haar belastbaarheid niet.
De Raad bevestigde daarom de aangevallen uitspraak voor zover aangevochten. Tevens erkende de Raad dat de procedure langer dan redelijk was geduurd en besloot het onderzoek te heropenen voor een nadere uitspraak over de gevraagde schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn, waarbij de Staat der Nederlanden als partij werd aangemerkt.
Uitkomst: De weigering van de WIA-uitkering wordt bevestigd en het onderzoek naar schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn wordt heropend.