ECLI:NL:CRVB:2012:BX6148
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek uitbreiding huishoudelijke hulp en vergoeding vervoerskosten sociale contacten
Appellant, een uitkeringsgerechtigde vervolgingsslachtoffer, verzocht om uitbreiding van de huishoudelijke hulp van vier naar acht uur per week en om vergoeding van vervoerskosten voor het onderhouden van sociale contacten. Verweerder wees beide verzoeken af, waarbij werd geoordeeld dat de hartklachten en andere lichamelijke aandoeningen niet in verband staan met de vervolging en dat er geen medische noodzaak bestaat voor uitbreiding van de huishoudelijke hulp.
De Raad nam kennis van medische adviezen van artsen Coster en Roelofs, die stelden dat er geen verband is tussen de hartklachten en de vervolging en dat appellant in staat is lichte huishoudelijke werkzaamheden te verrichten. Ook bleek uit de medische gegevens geen beperking in het gebruik van het openbaar vervoer door psychische klachten.
Appellant voerde aan dat zijn gezondheid was verslechterd en dat het vertrek van zijn echtgenote hem meer huishoudelijk werk opleverde, maar dit werd niet als bijzondere omstandigheid gezien om af te wijken van het beleid. De Raad concludeerde dat de medische adviezen een voldoende grondslag boden voor de afwijzing en verklaarde de beroepen ongegrond.
Uitkomst: De beroepen tegen de afwijzing van verzoeken tot uitbreiding van huishoudelijke hulp en vergoeding van vervoerskosten worden ongegrond verklaard.