ECLI:NL:CRVB:2012:BX6321
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- H.J. de Mooij
- M.I. ’t Hooft
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens onherroepelijke intrekking door miscommunicatie
Appellante stelde hoger beroep in tegen een uitspraak van de rechtbank Maastricht. Later werd per abuis door haar gemachtigde het hoger beroep in deze zaak en een andere procedure ingetrokken. Na correctie gaf appellante aan dat de intrekking slechts voor de andere procedure bedoeld was.
De Raad overwoog dat een bevoegdelijk ingediende intrekking van een beroep na het verstrijken van de beroepstermijn niet ongedaan kan worden gemaakt, tenzij sprake is van wilsgebreken. De miscommunicatie tussen appellante, haar partner en haar gemachtigde werd niet als zodanig aangemerkt.
Daarom verklaarde de Raad het hoger beroep niet-ontvankelijk. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 1 augustus 2012.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens bevoegd ingetrokken intrekking die niet ongedaan kan worden gemaakt.