ECLI:NL:CRVB:2012:BX7048
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging bijstandsuitkering ondanks extra kosten dienstplicht
Appellanten ontvingen een verlaging van hun bijstandsuitkering met 10% omdat hun oudste zoon van 21 jaar in dezelfde woning woont en zij daardoor de noodzakelijke kosten van het bestaan kunnen delen. Appellanten voerden aan dat zij vanwege de dienstplicht van appellant in Turkije extra kosten maken, wat volgens hen een onbillijkheid van overwegende aard oplevert en toepassing van de hardheidsclausule rechtvaardigt.
De Raad overwoog dat de verlaging op grond van artikel 26 WWB Pro en de Verordening toeslagen en verlagingen WWB gerechtvaardigd is omdat de kosten van het bestaan gedeeld kunnen worden. De incidentele extra kosten door de dienstplicht zijn niet voldoende om de verlaging achterwege te laten, omdat deze niet leiden tot een verhoging van de algemeen noodzakelijke kosten waarop de Verordening ziet.
De rechtbank had het beroep tegen het bestreden besluit deels gegrond verklaard, maar de Centrale Raad van Beroep bevestigt de uitspraak voor zover het hoger beroep zich richt op het niet-ontvankelijk verklaren van het bezwaar tegen het besluit van 20 juli 2009 en de verlaging met 10%. Er is geen sprake van een onbillijkheid van overwegende aard en dus geen reden om af te wijken van de Verordening.
De Raad wees geen proceskosten toe en deed uitspraak in het openbaar op 28 augustus 2012.
Uitkomst: De verlaging van de bijstand met 10% wordt bevestigd ondanks incidentele extra kosten door dienstplicht.