ECLI:NL:CRVB:2012:BX7651
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering wegens geschiktheid voor arbeid bevestigd
Appellant was vanaf 7 juni 2008 werkzaam als fulltime balie administratie medewerker en meldde zich op 4 december 2008 ziek. Het UWV besloot op 17 september 2010 de Ziektewetuitkering per 24 september 2010 te beëindigen wegens geschiktheid voor arbeid. Appellant maakte bezwaar, dat werd afgewezen, waarna de rechtbank het beroep ongegrond verklaarde.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij vanwege zijn klachten meer beperkt was dan het UWV aannam en dat zijn beperkingen medisch objectiveerbaar zijn. Hij bracht medische stukken in, waaronder behandelgegevens en een hoofdpijndagboek, en stelde dat op de datum in geding onvoldoende vaststond dat hij geschikt was voor zijn werk.
De Raad oordeelde dat het medisch onderzoek door verzekeringsartsen zorgvuldig was en dat zij op de hoogte waren van de klachten. De bezwaarverzekeringsarts had een duidelijk beeld van de functie en de belasting daarvan. Het UWV motiveerde overtuigend waarom appellant per 24 september 2010 niet ongeschikt was. Het hoger beroep werd verworpen en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de beëindiging van de Ziektewetuitkering per 24 september 2010 bevestigd.