ECLI:NL:CRVB:2012:BX8166
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Veroordeling college in proceskosten na gegrondverklaring beroep tegen besluit bijstand
Appellant diende op 26 juni 2009 een aanvraag om bijstand in bij het college van burgemeester en wethouders van Moerdijk. Het college stelde de aanvraag buiten behandeling. Appellant maakte bezwaar tegen het uitblijven van een beslissing en tegen een fictieve negatieve beslissing. Na een beroep werd bij besluit van 9 maart 2010 het bezwaar gegrond verklaard en bijstand toegekend met terugwerkende kracht.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen het uitblijven van een beslissing op bezwaar niet-ontvankelijk, maar verklaarde het beroep tegen het besluit van 9 maart 2010 gegrond en vernietigde dat besluit deels. De rechtbank veroordeelde het college tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Appellant stelde hoger beroep in tegen het nalaten van de rechtbank om ook proceskosten toe te kennen voor het beroep tegen het besluit van 9 maart 2010. De Centrale Raad van Beroep vernietigt dit deel van de uitspraak en veroordeelt het college alsnog tot vergoeding van proceskosten voor dat beroep en het hoger beroep.
Het college had ten onrechte twee keer kosten vergoed, maar dit doet niet af aan de veroordeling. De uitspraak werd gedaan door J.C.F. Talman op 25 september 2012.
Uitkomst: Het college wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan appellant wegens gegrondverklaring van het beroep tegen het besluit van 9 maart 2010.