ECLI:NL:CRVB:2012:BX9318
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering wegens arbeidsvermogen ondanks PTSS
Appellant ontving een WAO-uitkering die op 9 april 2009 werd ingetrokken met ingang van 10 juni 2009 vanwege het oordeel dat hij in staat was bepaalde functies te vervullen. Appellant maakte bezwaar en startte een procedure bij de rechtbank, die het bezwaar ongegrond verklaarde. In hoger beroep voerde appellant aan dat hij leed aan chronische Q-koorts en hartschade, ondersteund door medische rapporten.
De Raad liet zich informeren door een onafhankelijke deskundige psychiater, prof. dr. G.F. Koerselman, die concludeerde dat appellant aan PTSS lijdt maar wel belastbaar is conform het UWV-oordeel. De Raad vond geen reden om af te wijken van dit oordeel, ook niet op basis van aanvullende medische brieven van huisarts en cardioloog.
Appellants verzoek om extra tijd voor onderzoek naar gezinstherapie werd afgewezen vanwege voldoende gelegenheid tijdens de procedure. Ook de stelling dat het maatmanloon onjuist zou zijn, werd verworpen wegens gebrek aan bewijs. De Raad bevestigde daarmee het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank, en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: De intrekking van de WAO-uitkering per 10 juni 2009 wordt bevestigd en het hoger beroep afgewezen.