ECLI:NL:CRVB:2012:BX9960
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering te veel betaalde uitkering wegens verrekening inkomsten bedrijf
Appellant, voormalig sergeant-majoor der Mariniers, kreeg na eervol ontslag een uitkering op grond van de Uitkeringswet gewezen militairen (Ugm). Hij startte een eigen bedrijf tijdens zijn wachtgeldperiode. De minister stelde vast dat de inkomsten uit dit bedrijf met de uitkering verrekend moesten worden, wat leidde tot een terugvordering van te veel betaalde uitkering.
De rechtbank vernietigde een eerdere terugvorderingsbesluit vanwege onvoldoende motivering omtrent de aftrek van lijfrentepremies. De minister nam een nieuw besluit waarbij deze premies wel werden verrekend, wat het terugvorderingsbedrag verlaagde.
In hoger beroep betwistte appellant de wettelijke grondslag voor verrekening van inkomsten uit een bedrijf dat vóór de uitkeringsaanvang was gestart. De Raad oordeelde dat op grond van de Wet bijzondere regels recht op uitkering Ugm (Wbr) het bedrijf wordt geacht te zijn gestart tijdens een gelijkgestelde verlofperiode, waardoor verrekening terecht is.
Het beroep op het rechtszekerheidsbeginsel en op een voorlichtingsfolder faalde eveneens. De Raad verklaarde het beroep ongegrond en wees het verzoek tot schadevergoeding af, omdat de verrekening en terugvordering rechtmatig zijn. De aangevallen uitspraak werd bevestigd.
Uitkomst: De terugvordering van te veel betaalde uitkering wordt bevestigd en het verzoek tot schadevergoeding wordt afgewezen.