ECLI:NL:CRVB:2012:BX9972
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over niet-ontvankelijkheid reiskostenvergoeding in WWB-zaak
Appellanten maakten bezwaar tegen een besluit van het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam over bijzondere bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB), met name over een reiskostenvergoeding voor het vervoer van en naar de kinderopvang.
De rechtbank Amsterdam stelde vast dat tijdens de zitting bleek dat de aanvraag voor de reiskostenvergoeding niet aan de orde was en verklaarde het beroep gegrond voor zover het bezwaar tegen de hoogte van de bijzondere bijstand niet-ontvankelijk was verklaard. Appellanten gingen in hoger beroep tegen deze uitspraak en stelden dat de rechtbank ten onrechte geen beslissing had genomen over de reiskostenvergoeding.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat uit het proces-verbaal bleek dat de gemachtigde van appellanten had verklaard dat de reiskosten niets met de zaak te maken hadden. De Raad zag geen reden om aan te nemen dat deze verklaring onjuist was en bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de aanvraag voor reiskostenvergoeding niet aan de orde is en wijst het hoger beroep af.