ECLI:NL:CRVB:2012:BY0308
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- B.J. van de Griend
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugvordering UGM-uitkering bij forfaitaire toerekening winst uit onderneming
Appellant, een voormalig militair die in 2003 eervol werd ontslagen, ontving een UGM-uitkering vanaf juli 2004. De minister stelde vast dat appellant in 2006 neveninkomsten had uit winst uit onderneming, welke volgens wettelijke regels forfaitair over het jaar werden verdeeld. Hierdoor werd vastgesteld dat appellant te veel UGM-uitkering had ontvangen.
Appellant voerde bezwaar aan tegen de wijze van toerekening van de winst, stellende dat de winst in de eerste helft van 2006 lager was dan de forfaitaire berekening en dat hij hierdoor werd benadeeld en gediscrimineerd ten opzichte van werknemers in loondienst.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit oordeel. De Raad overwoog dat de forfaitaire regeling dwingend is voorgeschreven en dat het karakter van de regeling rechtvaardigt dat in individuele gevallen zowel voordeel als nadeel kan ontstaan. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de terugvordering van teveel betaalde UGM-uitkering wordt ongegrond verklaard.