ECLI:NL:CRVB:2012:BY1101
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand wegens overschrijding verblijf buitenland zonder acute noodsituatie
Appellant ontving bijstand op grond van de WWB en kreeg toestemming voor verblijf in het buitenland tot 12 oktober 2010 vanwege medische redenen. Het college trok de bijstand per 12 oktober 2010 in omdat appellant langer in Marokko verbleef dan toegestaan.
De rechtbank vernietigde het besluit deels en bepaalde dat de intrekking vanaf 14 oktober 2010 terecht was, omdat de toegestane vakantieperiode van 13 weken was verstreken en appellant geen acute noodsituatie had aangetoond. Appellant voerde aan dat hij tot 14 januari 2011 in het ziekenhuis was opgenomen en daardoor niet kon terugkeren.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de medische stukken geen aanwijzingen geven voor een acute noodsituatie vanaf 14 oktober 2010 zoals vereist in artikel 16, eerste lid, WWB. Daarom bevestigt de Raad het oordeel van de rechtbank en verklaart het hoger beroep ongegrond. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De intrekking van de bijstand vanaf 14 oktober 2010 wordt bevestigd wegens ontbreken van een acute noodsituatie.