ECLI:NL:CRVB:2012:BY1272
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- K.J. Kraan
- B.J. van de Griend
- A.A.M. Mollee
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering wachtgeld wegens overschrijding inkomensgrens en afwijzing beroep op vertrouwensbeginsel
Appellant, die met ingang van 1 juli 1988 eervol ontslag kreeg en wachtgeld ontving tot zijn 65e, had inkomsten uit wachtgeld en eigen bedrijf die over 2005 en 2007 meer dan 110% van zijn bezoldiging bedroegen. Het college vorderde daarom terugbetalingen over deze jaren.
De rechtbank had het beroep deels gegrond verklaard door een deel van de afschrijvingen op aangekochte beelden mee te nemen, maar oordeelde dat het college terecht de rentevergoeding en pensioenvoorziening niet in mindering bracht. In hoger beroep betoogde appellant dat het college onterecht van zijn eerdere acceptatie van deze posten was afgeweken en dat dit in strijd was met het vertrouwensbeginsel.
De Raad oordeelde dat het college het recht had om per jaar te beoordelen en niet gebonden was aan eerdere standpunten. Het vaststellen van inkomsten op basis van fiscale winst is een rechtens aanvaardbare methode. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde omdat het college duidelijk had gesteld dat eerdere acceptaties geen rechten voor de toekomst scheppen.
De Raad bevestigde daarmee het bestreden besluit en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de terugvordering van wachtgeld en wijst het beroep op het vertrouwensbeginsel af.