ECLI:NL:CRVB:2012:BY4066
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- Rechtspraak.nl
Bevestiging van besluit UWV tot niet-herziening WAO-uitkering wegens geen toename arbeidsongeschiktheid
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV om zijn WAO-uitkering niet te herzien wegens vermeende toename van arbeidsongeschiktheid per 8 december 2009. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep gegrond, vernietigde het besluit, maar liet de rechtsgevolgen in stand vanwege een juiste arbeidskundige beoordeling.
In hoger beroep herhaalde appellant dat zijn beperkingen werden onderschat en dat het UWV het verzekeringsgeneeskundig protocol Chronische-vermoeidheidssyndroom (protocol CVS) niet had toegepast. De Centrale Raad van Beroep overwoog dat appellant zijn stellingen niet had toegelicht met nieuwe medische verklaringen en dat de eerdere zorgvuldige medische beoordeling voldoende was.
De Raad bevestigde dat het UWV geen expliciete toetsing aan het protocol CVS hoeft te verrichten en dat de beperkingen van appellant adequaat waren vastgesteld, waarbij rekening was gehouden met zijn vermoeidheidsklachten. Er was geen aanleiding om het oordeel van de bezwaarverzekeringsarts te betwijfelen. De aangevallen uitspraak werd bevestigd en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit van het UWV dat geen sprake is van toegenomen arbeidsongeschiktheid.