ECLI:NL:CRVB:2012:BY4194

Centrale Raad van Beroep

Datum uitspraak
23 november 2012
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
11-6118 ZVW-V
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Verzet
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:54 AwbArt. 8:55 AwbArt. 21 Beroepswet
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verzet gegrond wegens tijdige melding betalingsonmacht griffierecht

Appellante had hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam, maar de Raad verklaarde het beroep niet-ontvankelijk vanwege het niet tijdig betalen van het griffierecht.

Appellante maakte in verzet bezwaar tegen deze beslissing en stelde dat zij tijdig had gemeld niet in staat te zijn het griffierecht te voldoen. De Raad heeft dit bericht ontvangen en daarop een langere termijn van twaalf weken gegeven voor betaling.

Na betaling binnen deze termijn heeft de Raad het verzet gegrond verklaard, waardoor de eerdere niet-ontvankelijkverklaring vervalt en het onderzoek wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond. Er zijn geen proceskosten opgelegd.

De uitspraak is gedaan door rechter T.G.M. Simons in aanwezigheid van griffier D.W.M. Kaldenhoven en uitgesproken in het openbaar op 23 november 2012.

Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard en het onderzoek wordt voortgezet na tijdige betaling van het griffierecht.

Uitspraak

11/6118 ZVW-V
Centrale Raad van Beroep
Enkelvoudige kamer
Uitspraak als bedoeld in artikel 8:55, vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet in verband met het hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank Amsterdam van 6 september 2011, 10/3064 en 11/4202 (aangevallen uitspraak)
Partijen:
[A. te B.] (appellante)
het College voor zorgverzekeringen
Datum uitspraak: 23 november 2012
PROCESVERLOOP
Bij uitspraak als bedoeld in artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht en artikel 21 van Pro de Beroepswet van 22 februari 2012 heeft de Raad het hoger beroep van appellante tegen de aangevallen uitspraak niet-ontvankelijk verklaard.
Tegen de uitspraak van de Raad van 22 februari 2012 heeft appellante verzet gedaan.
Het verzet is ter behandeling aan de orde gesteld ter zitting van 2 juli 2012, waar partijen met voorafgaand bericht niet zijn verschenen.
OVERWEGINGEN
De uitspraak van de Raad van 22 februari 2012 berust op de overwegingen dat het verschuldigde griffierecht niet tijdig is betaald, en dat redelijkerwijs niet kan worden geoordeeld dat appellante niet in verzuim is geweest.
In verzet is gebleken dat appellante tijdig aan (de griffier van) de Raad heeft bericht dat zij niet in staat is het verschuldigde griffierecht te betalen. In die omstandigheid heeft de Raad aanleiding gezien appellante alsnog een - veel - langere termijn (van twaalf weken) te geven voor de betaling van het griffierecht, waarna het tijdig is betaald.
Dit betekent dat het verzet gegrond wordt verklaard, de uitspraak van de Raad van 22 februari 2012 vervalt en het onderzoek wordt voortgezet in de stand waarin het zich bevond.
Van kosten waarop een veroordeling in de proceskosten van het verzet betrekking kan hebben, is de Raad niet gebleken.
BESLISSING
De Centrale Raad van Beroep verklaart het verzet gegrond.
Deze uitspraak is gedaan door T.G.M. Simons, in tegenwoordigheid van D.W.M. Kaldenhoven als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 23 november 2012.
(getekend) T.G.M. Simons
(getekend) D.W.M. Kaldenhoven