ECLI:NL:CRVB:2012:BY4500
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.J.A. Kooijman
- J.F. Bandringa
- E.J. Govaers
- Rechtspraak.nl
Vernietiging verlaging bijstand wegens onvoldoende motivering arbeidsinschakeling
Appellanten ontvingen bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het college verlaagde de bijstand met 100% voor één en vervolgens twee maanden vanwege het niet meewerken aan voorzieningen gericht op arbeidsinschakeling. Appellant weigerde aangeboden functies, waaronder een proefplaatsing in een supermarkt en werk bij diverse bedrijven.
De Raad oordeelt dat alleen de proefplaatsing in de supermarkt als arbeidsinschakeling kan worden aangemerkt, maar dat het college deze onvoldoende als grondslag voor de maatregel heeft gebruikt. Voor andere functies ontbrak een deugdelijke motivering en begeleiding. De rechtbank had dit niet onderkend en verklaarde het beroep ongegrond.
De Raad vernietigt de bestreden besluiten wegens strijd met het motiveringsbeginsel en artikel 7:12 Awb Pro. Het college wordt opgedragen binnen zes weken nieuwe besluiten te nemen, waarbij het maatwerk en begeleiding moet betrekken. De financiële problemen van appellanten en hun beroep op artikel 8 EVRM Pro worden meegewogen in het oordeel.
Uitkomst: De bestreden besluiten tot verlaging van de bijstand worden vernietigd wegens onvoldoende motivering en het college moet nieuwe besluiten nemen.