ECLI:NL:CRVB:2012:BY5473
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- J. Brand
- G. van der Wiel
- Rechtspraak.nl
Onveranderde WAO-uitkering ondanks gestelde toegenomen arbeidsongeschiktheid na vijf jaar
Appellant ontvangt sinds 21 mei 2001 een WAO-uitkering op basis van een arbeidsongeschiktheid van 35 tot 45%. In 2009 meldt hij een verslechtering van zijn gezondheid met een toename van arbeidsongeschiktheid vanaf 1 september 2008. Het UWV wijst zijn verzoek tot herziening af omdat de toename buiten de vijfjaarsperiode valt en niet voortkomt uit dezelfde ziekteoorzaak.
De rechtbank verklaart het beroep van appellant ongegrond en oordeelt dat artikel 37 WAO Pro niet van toepassing is. Appellant stelt in hoger beroep dat dit artikel wel toegepast had moeten worden omdat zijn aanvraag na vijf jaar is gedaan en hij aanspraak maakt op een hogere uitkering. De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat de rechtbank ten onrechte artikel 37 WAO Pro buiten toepassing heeft gelaten, maar bevestigt dat het UWV terecht heeft vastgesteld dat de toegenomen arbeidsongeschiktheid niet onafgebroken 104 weken heeft geduurd en niet voortkomt uit dezelfde oorzaak.
De medische rapporten tonen aan dat de klachten in 2008 niet herleidbaar zijn tot de klachten die tot de oorspronkelijke uitkering hebben geleid. De Raad vernietigt de eerdere uitspraak, verklaart het beroep ongegrond, wijst het verzoek om schadevergoeding af en veroordeelt het UWV in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: De WAO-uitkering blijft onveranderd omdat de toegenomen arbeidsongeschiktheid niet voldoet aan de voorwaarden voor herziening.