ECLI:NL:CRVB:2012:BY5566
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T. Hoogenboom
- H. Bolt
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Beoordeling toekenning Wajong-uitkering bij arbeidsongeschiktheid van 25-35%
Appellante maakte bezwaar tegen het besluit van het UWV om haar een Wajong-uitkering toe te kennen op basis van een arbeidsongeschiktheid van 25 tot 35% per 30 december 2008. Zij stelde dat het medisch onderzoek onvoldoende zorgvuldig was uitgevoerd en dat haar beperkingen werden onderschat. Tevens betwistte zij de juistheid van het vastgestelde maatmaninkomen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat de rechtbank ten onrechte stukken vlak voor de zitting had betrokken zonder het UWV voldoende gelegenheid te geven hierop te reageren. Dit leidde tot vernietiging van de eerdere uitspraak. In hoger beroep werd het rapport van de bezwaarverzekeringsarts van 18 oktober 2012 betrokken, waarin de beperkingen van appellante inzichtelijk waren vastgelegd.
De Raad concludeerde dat het onderzoek door de verzekeringsarts en bezwaarverzekeringsarts zorgvuldig was uitgevoerd en niet was gebaseerd op onjuiste medische gegevens. De vastgestelde beperkingen en de geschiktheid voor bepaalde functies waren aannemelijk, en er waren geen ontoelaatbare overschrijdingen van de belastbaarheid in de geduide functies. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard.
Daarnaast werd het UWV veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten van appellante en het betaalde griffierecht in hoger beroep. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 30 november 2012.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot toekenning van de Wajong-uitkering wordt ongegrond verklaard.