ECLI:NL:CRVB:2012:BY6022
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- J.J.T. van den Corput
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit intrekking Ziektewetuitkering wegens onjuiste arbeidsmaatstaf
Appellante ontving sinds 1994 een WAO-uitkering wegens psychische klachten, die in 2008 werd ingetrokken omdat zij geschikt werd geacht voor haar werkzaamheden als huishoudelijk medewerkster/schoonmaakster. Het UWV handhaafde de intrekking na bezwaar, en de rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep stelde appellante dat onvoldoende rekening was gehouden met haar verergerde psychische klachten, knieklachten en hypertensie. De Raad bekeek aanvullende medische rapporten, waaronder een brief van PsyQ uit 2009 die een verheviging van haar psychische toestand beschreef. Tevens bleek dat het UWV een onjuiste arbeidsmaatstaf had gehanteerd door uit te gaan van functies in plaats van de feitelijke combinatie van dienstbetrekkingen van 45 uur per week.
De Raad oordeelde dat het besluit vernietigd moet worden omdat het UWV bij de verdere besluitvorming de brief van PsyQ moet betrekken en de juiste arbeidsmaatstaf moet hanteren. Het UWV kreeg zes weken om het besluit te herstellen. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 12 december 2012.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de Ziektewetuitkering wordt vernietigd en het UWV wordt opgedragen het besluit te herstellen met inachtneming van aanvullende medische gegevens.