ECLI:NL:CRVB:2012:BY6280
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- J. Brand
- G.W.B. van Westen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking WAO-uitkering na zorgvuldig medisch onderzoek
Appellant ontving sinds 1998 een WAO-uitkering, die in 2010 door het UWV werd ingetrokken na een medisch en arbeidskundig onderzoek waarin werd vastgesteld dat de arbeidsongeschiktheid niet was toegenomen en appellant geschikt was voor het eigen werk.
Appellant voerde bezwaar aan met onder meer een neuropsychologisch rapport en een verklaring van de bedrijfsarts, maar het UWV liet aanvullend onderzoek uitvoeren dat aanwijzingen voor malingeren en onderpresteren vond. De bezwaarverzekeringsarts bevestigde het standpunt van het UWV, waarna het bezwaar ongegrond werd verklaard.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen de intrekking ongegrond en oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd en dat de beperkingen van appellant voortvloeiden uit persoonskenmerken en niet uit ziekte.
In hoger beroep herhaalde appellant zijn standpunten, maar de Centrale Raad van Beroep onderschreef de overwegingen van de rechtbank en bevestigde de aangevallen uitspraken. De Raad oordeelde dat appellant onvoldoende nieuwe gronden had aangevoerd om het besluit te wijzigen.
De Raad wees een proceskostenveroordeling af en bevestigde daarmee de intrekking van de WAO-uitkering door het UWV.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking van de WAO-uitkering na zorgvuldige medische beoordeling.