ECLI:NL:CRVB:2012:BY7071
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- J.J.T. van den Corput
- D.J. van der Vos
- Rechtspraak.nl
Beëindiging recht op ziekengeld na beoordeling rugklachten zonder benoeming onafhankelijk deskundige
Appellant, een elektromonteur, meldde zich ziek met rugklachten en ontving een uitkering op grond van de Ziektewet. Na onderzoek door verzekeringsarts Bakker en bezwaarverzekeringsarts Hollander concludeerde het UWV dat appellant geschikt was voor de functies zoals vastgesteld bij de laatste WAO-beoordeling en beëindigde het recht op ziekengeld per 30 november 2009.
Appellant stelde in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte geen onafhankelijk deskundige had benoemd en dat de medische informatie van de behandelend artsen onjuist was. Ter onderbouwing overhandigde hij medische verklaringen van zijn huisarts en een orthopedisch chirurg.
De Raad oordeelde dat het medisch onderzoek zorgvuldig was uitgevoerd, waarbij rekening was gehouden met relevante medische informatie. De bezwaarverzekeringsarts had een uitgebreid dossieronderzoek verricht en appellant onderzocht. De medische gegevens toonden een stabiele gezondheidstoestand zonder toename van beperkingen sinds de laatste WAO-beoordeling.
De Raad vond geen aanleiding om het standpunt van de bezwaarverzekeringsarts onjuist te achten en wees het verzoek tot benoeming van een onafhankelijk deskundige af. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot beëindiging van het recht op ziekengeld bevestigd.