ECLI:NL:CRVB:2012:BY7615
Centrale Raad van Beroep
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring wegens niet tijdige betaling griffierecht ongegrond verklaard
Appellant heeft verzet ingesteld tegen de uitspraak van de Raad van 18 september 2012, waarin zijn hoger beroep niet-ontvankelijk werd verklaard omdat het griffierecht niet binnen de gestelde termijn van vier weken was betaald. Appellant voerde aan dat hij een aanvraag voor bijzondere bijstand had ingediend bij het college voor de kosten van het griffierecht en dat de toegang tot de rechter door de hoogte van het griffierecht werd belemmerd.
De Raad oordeelt dat appellant niet tijdig het griffierecht heeft voldaan, noch binnen de termijn om betalingsonmacht aan te voeren of uitstel te vragen. Het verweer van appellant dat de hoogte van het griffierecht zijn toegang tot de rechter belemmert, faalt omdat hij geen betalingsonmacht aannemelijk heeft gemaakt. Ook het belang bij het hoger beroep en de stelling dat de Raad oud recht toepaste, kunnen het verzuim niet rechtvaardigen.
De Raad ziet geen aanleiding om het besluit op de aanvraag bijzondere bijstand op te vragen en concludeert dat het verzet ongegrond is. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan door W.F. Claessens, in aanwezigheid van griffier J. de Jong, op 21 december 2012.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring wegens niet tijdige betaling van het griffierecht wordt ongegrond verklaard.