ECLI:NL:CRVB:2012:BY7671
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R. Kooper
- B.J. van de Griend
- A.A.M. Mollee
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit en ongegrond verklaring beroep inzake tegemoetkoming onkosten militaire waarnemer
Betrokkene was van april tot oktober 2006 uitgezonden als militaire waarnemer in Soedan en ontving een dagkostenvergoeding van de Verenigde Naties, waardoor hij volgens artikel 5 van Pro de Regeling voorzieningen bij vredes- en humanitaire operaties (R VVHO) geen aanspraak had op een tegemoetkoming in onkosten. Andere waarnemers, waaronder luitenant-kolonel S en drie collega’s, kregen echter wel een dergelijke tegemoetkoming toegekend na een uitspraak van de rechtbank die hen in het gelijk stelde.
Betrokkene diende een bezwaar in om ook een tegemoetkoming te ontvangen, maar dit werd afgewezen. De rechtbank stelde betrokkene aanvankelijk in het gelijk, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt deze uitspraak en het besluit omdat er sprake was van procedurele fouten en omdat het oorspronkelijke besluit niet was aangevochten en daarmee onaantastbaar was.
De Raad oordeelt dat de fouten in de uitbetaling van tegemoetkomingen het gevolg zijn van administratieve onvolkomenheden en dat het gelijkheidsbeginsel niet vereist dat deze fouten worden herhaald. De toekenning aan S en zijn drie collega’s was onjuist en kan niet worden afgedwongen voor betrokkene. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om tegemoetkoming afgewezen wegens administratieve fouten en het ontbreken van een recht op herziening.