ECLI:NL:CRVB:2012:BY7831
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- K.J. Kraan
- J.N.A. Bootsma
- Rechtspraak.nl
Bevestiging ontslag op grond van artikel 8:8 CAR/LAR ondanks formele bezwaren over uitkeringsregeling
Appellant was sinds 1997 in dienst van de gemeente Zwolle en werd na diverse reorganisaties en overplaatsingen per 1 september 2009 ontslagen op grond van artikel 8:8 van Pro de Collectieve en Lokale Arbeidsvoorwaardenregeling (CAR/LAR). Het ontslag volgde na een traject van herplaatsing en begeleiding, waarbij appellant onder meer werd gedetacheerd en ondersteund door een loopbaancentrum en USG Restart.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij niet correct was gehoord over de aan hem toegekende uitkeringsregeling en dat het college onvoldoende rekening had gehouden met zijn gezondheidsklachten en de oorzaak daarvan, waaronder een conflict met een collega. Ook stelde hij dat het college niet voldoende passende vacatures had aangeboden en onvoldoende begeleiding had geboden bij het vinden van extern werk.
De Raad onderschreef het oordeel van de rechtbank dat het college het ontslag in redelijkheid kon verlenen. Het formele bezwaar dat appellant niet apart was gehoord over de uitkeringsregeling werd verworpen omdat hij in het zienswijzegesprek zijn zienswijze had kunnen geven en dit niet had gedaan. Verder was gebleken dat appellant voldoende was begeleid en dat het college de omstandigheden naar behoren had meegewogen.
Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het ontslag per 1 september 2009 bevestigd.